Tiende verslag weer vanuit Alice Springs

Bloged in Australie 2004 by olaf Thursday August 26, 2004


Als eerste wil ik idereen bedanken voor het commentaar (al dan niet op de website). Het kost inderdaad af-en-toe wat moeite om de website bij te houden maar wetende dat jullie dit allemaal graag (!?) lezen houdt het bij mij de moed erin om de site up-to-date te houden.

Na het schrijven van het vorige verslag ben ik met Daniel de Zwitser eerst in een café ¥en biertje wezen drinken en daarna zijn we naar een Zwitsers restaurant hier in Alice Springs gegaan. Na het eten van een kaas-fondue (met daar aan het eind nog een rauw-ei doorheen geroerd) zijn we naar de lokale saloon gegaan. Dat was echt een ervaring aangezien het zaterdag avond was. Dat betekent dat de lokale bevolking van heinde en ver van hun Cattle stations komen om daar bier te gaan zuipen (uiteraard aangevult met wat verdwaalde touristen). De DJ was ook tevens de lokale radio-DJ waardoor de muziek af-en-toe werd stopgezet voor een telefoontje van iemand die een verzoek plaatje komt aanvragen of wil vragen of iemand z’n koe gezien heeft of gewoon relatie-advies wil hebben. Ook het dansen op de dansvloer gaat wat lomper, maar dat doet mij meteen weer denken aan de Varsseveldse kermis die ik nu dus aan het missen ben.
De volgende ochtend vroeg (7 uur) met de taxi naar het afgesproken punt gegaan waar de volgende (Connections) tour zal beginnen. Aldaar aangekomen meteen kennis gemaakt met de groep die aan het ontbijten was. Wat ik in het vorige verslag eigenlijk vergeten te melden was is dat je met een tour eigenlijk een heel ander soort mensen tegenkomt. De mensen die een tour doen zijn wat serieuzer en wat vaker gewoon op vakantie. Daardoor wordt er ook minder gedronken en is iedereen gewoon op tijd.
De group bestaat nu uit 22 personen van allerlei nationaliteiten: Een IJslandse, Finse, Oostenrijkse, twee Duitse zusjes, een noordduitse Muziekante, een Fransman, een Italiaanse, een Siciliaan, weer een groep engelsen en schotten, een Kiwi (Nieuw Zeeland), een Australier en een Australise(Katarina) die op de vraag waar ze vandaan komt antwoorde met: Biloewiela, niet wetende dat iedereen gewoon het land bedoelde. Vooral met de laatste heb ik de afgelopen vier dagen veel opgetrokken.
N.B. klik op More voor de rest van het verhaal.

De bus bestaat uit een normale (dus niet 4×4) lange-afstands reis bus voorzien van alle gemakken. Wel hebben we ons eigen eten etc. weer bij ons. Meteen in het begin kwam Katarina (Australische) naast mij zitten en hebben we veel over Australie en Europa gekletst. Nu ben ik eindelijk eens wat meer achter de zeden en gewoonten van Australie gekomen.
Na het verlaten van Alice Springs zijn we meteen op weg gegaan naar Ayers Rock. Ik dacht voorheen in mijn naiviteit dat dat vlak bij Alice Springs lag, maar de eerste dag hebben we meteen 540 km gereden. Het landschap veranderd niet zo veel en bestaat uit heel veel (rood) zand met toch nog wat vegetatie (beetje gras, kleine struiken en bomen) erop. In de verte zie je af en toe wat grote rotsen of zelfs een berg(je). Het blijkt dat het een paar weken geleden nog flink heeft geregend waardoor het nu vrij groen is en er zelfs veel in bloei staat. Ik had dat niet verwacht van de woestijn, maar ook hier breekt nu het voorjaar aan en is de temperatuur gematigd (slechts ca. 30 graden, ’s-nachts niet, maar daarover later meer).
Na twee tussenstops gemaakt te hebben bij twee road-houses (dit is een soort weg-restaurant vaak bij een Cattle Station gelegen om de ca. 150 km. Stroom wordt voorzien van eigen generatoren maar wel altijd met water uit een put in de grond) komen we eerst aan bij Ayers Rock resort. Hier hebben we de boel uitgeladen en alles naar een soort van hut gesleept. Na het nuttigen van de lunch zijn we afgereist naar Ayers Rock of Uluru volgens de ABO’s. Eerst het Cultural Centre bezocht en daarna een kleine wandeling langs de voet van de grote rotsklomp (werelds grootste monolith) gemaakt. Hier heeft de gids vanalles over de betekenis van de rots, maar ook over de planten en dieren verteld. Kijk en dat is dan weer wel erg leuk als je een georganiseerde reis maakt want dan zie en hoor je veel meer dan dat je in je eentje kan beleven. Ook valt het op dat er ondanks de hitte toch nog twee waterputten bij Ayers Rock aanweizg waren. Tenslotte gereden naar de Sunset-area alwaar we de zonsondergang op Ayers Rock voorzien van een hapje en drankje hebben meegemaakt. Ik heb om de 5 minuten een foto gemaakt omdat de kleuren en schaduwen steeds veranderen. Ben benieuwd hou die zijn geworden. Op deze manier is het trouwens geen wonder dat dit de derde na meest gefotograveerde punt van Australie is. Er komen immers 450.000 touristen per jaar naar toe maal 6 foto’s van de zonsondergang.
’s-Avonds weer lekker gegeten rond het kampvuur en tenslotte weer in een Sweg geslapen. Maar ditmaal was het minder aangenaam omdat:
a) Het om 4 uur ’s-nachts bijna tegen het vriespunt wordt;
b) Om dezelfde tijd 1 vogel dezelfde melodie over-en-over-en-over-en-over begint te kwetteren.
Maar ook hier mag je de vogel niet doodschieten dus was iedereen de volgende ochtend om 5 uur 30 behoorlijk moe. Ja om half zes want we moesten vroeg opstaan om de zonsopgang boven Ayers Rock te gaan bewonderen. Dus om 6:30 stonden we dan met onze cameras weer gereed (uiteraard op een iets andere plek) samen met nog duizend touristen om de zonsopgang te bewonderen. Was wel weer aardig, maar ik vond de zonsondergang toch mooier.
Daarna naar de voet van Ayers Rock gereden om hem te beklimmen, maar helaas deze was gesloten vanwege de harde wind. Een tourist die toch over het hek was geklommen werd door de ABO-ranger met harde hand van het terrein verwijderd. Toen zijn we maar met een klein groepje het pad om Ayers Rock gaan lopen (9,4 km). Sommigen van ons zijn bij de voet van de berg blijven wachten in de hoop dat deze toch openging (wat dus niet gebeurde!). Als je dan zo langs die rots loopt denk je eigenlijk alleen maar wat een grote rots en dan ga je de hoek om en zie je weer een grote rots, en om de hoek weer een grote rots, etc. Was dus wel aardig, maar op zich ook een beetje saai. Maar ’s-middag na de lunch zijn we naar de Olga’s (Kata Tjuta) gegaan. Deze liggen ca 45 km van Ayers Rock. Zijn minder imposant, maar bestaan uit meerdere rotsen. Hier twee wandelingen gedaan en die vond ik eigenlijk al mooier dan Ayers Rock (maar daar ben ik dan ook niet bovenop geweest). ’s-Avonds weer gegeten bij het kampvuur en met meer kleren aan de Sweg ingestapt. Hierdoor een betere nacht gehad en ook de volgende ochtend mochten we maar tot liefst 6:30 uur uitslapen! (maar wel weer die verdomde rotvogel!)
Na het ontbijt alles weer ingepakt en 450 km gereden naar Kings Kanyon (Watarrka National Park). Onderweg zag je langzamerhjand de vegetatie toenemen. Volgens de gids komt dit doordat er meer water door de rotsen wordt vastgehouden. Daar aangekomen hebben wij onze intrek genomen in permanente tenten in Kings Creek Station. Deze waren zowaar voorzien van een elektrische kachel (terwijl een eindje verderop weer een generator aan het loeien was. (verbruik 1000 liter diesel/week)). Na de lunch zijn we naar de Canyon zelf gereden. Hier hebben we een wandeling van 3 1/2 uur gemaakt die werkelijk prachtig was. Het eerste stuk was erg steil en ontoegankelijk, maar daarna loop je over de rand van de Canyon. De Canyon is gevormd doordat er af en toe wat rotsen (zandsteen) naar beneden storten. In het midden loopt een klein riviertje. Deze zijn we dan ook door middel van een bruggetje overgestoken bij de Garden of Eden (plek met alemaal bomen en struiken) alwaar we weer even gesnacked hebben en ons weer eens lekker konden ergeren aan Duitse touristen die luidruchtig rotsen naar beneden aan het gooien waren. De twee Duitse zusjes uit onze groep spraken de Duitsers daar weer op aan wat dus weer in een relletje eindigde. Zo krijg je in de middle of nowhere weer eens lekker het gevoel om thuis te zijn!. De tocht was erg warm en vermoeiend, maar absoluut mooier dan Ayers Rock en de Olga’s samen. Het schijnt dat hier ook veel (Australische) films zijn opgenomen (o.a. Priscilla Queen of the Dessert). Weer terug naar de cattle station alwaar we met z’n allen op een cameel (eigenlijk een dromedaris) zijn gestapt en door de bush de zonsondergang hebben meegemaakt. Was wel weer een ervaring op zo’n schommelend beest. Constant stopte ze om een bloemetje te eten want die waren nu in volle bloei en erg lekker volgens hun. De Dromedarissen zijn hier in de 19de eeuw door Afganen geintroduceerd en schijnen hier erg goed te gedijen. Weer gegeten rond het kampvuur en daarna toch goed geslapen in de tent in een echt bed(!) en met de verwarming aan.
Volgende ochtend weer uitgeslapen en weer teruggereden naar Alice Springs. Onderweg nog gestopt bij een road-house alwaar we een show kregen van Dinkie, de zingende Dingo. Als je op de piano speelde begon het beest kijhard mee te janken. Nu weet ik zeker dat Dingo’s gewoon honden zijn. Volgens Jim Cotteril, de eigenaar van de Dingo, zijn rasechte Dingo’s ook helemaal niet zo gevaarlijk. Alleen zijn bijna alle Dingo’s nu vermengd met gewone honden en maakt dat ze gevaarlijk. ’s-Middags weer terug in Alice Springs. Via Anzac Hill uitzicht genoten van Alice Springs. Hierbij was duidelijk te zien waarom Alice Springs hier is gesitueerd. Dwars door het midden van Australie loopt een bergketen (Mac Donnel Ranges). Bij Alice Springs is die hier zo’n 50 meter onderbroken en kan je dus gemakkelijk van de ene kant naar de andere kant rijden. In de 19de eeuw was hier dan ook een telegraafstation geplaatst op de lijn die het zuiden van Australie verbond met Darwin en daarmee met de rest van de wereld. Ook hebben we nog even het oude telegraaf station bezocht waarna we naar de Royal Flying Docters Service (Je weet wel van die TV-serie) zijn gegaan. Hier hebben we een rondleiding gekregen. Na afloop uitgebreid koffie met engelse worteltjes taart gegeten. Daarna terug naar het Motel in Alice Springs waar we twee nachten zullen verblijven. Hier afscheid genomen van een deel van de groep die niet meegaat naar Darwin (waaronder helaas Katerina). Jeff de andere Australier blijft helaas wel want iedereen heeft zo ongeveer een hekel aan hem gekregen omdat hij de hele tijd maar blijft praten. Dat is echt ongeloofelijk. De mooiste zonsondergangen weet hij te verpesten door z’n gewouwel. ’s-Avonds een reptielenshow gezien waarbij ook allerlei uitleg werd gegeven wat je moet doen als je door een slang wordt gebeten, en vooral hoe je dat kan voorkomen. Ook mocht je de beesten zelf vastpakken, wat best eng was. Daarna een kangoeroe stack gegeten. Wat volgens de Australiers hondenvoer is.
Vanochtend zijn we naar de West-MacDonell Ranges gegaan (ca 50 km ten westen van Alice Springs). Eerst naar Standley Chasm. Hier zijn we het pad (zonder gids) voorbij gelopen en hebben we de berg beklomen niet op de officiele manier, maar was wel erg leuk. Daarna door naar Simpsons gap. Hierbij loop je over een droge rivierbedding naar een kloof. Wat opvalt is dat er ondanks de hitte toch nog hier en daar water is. Weer een paar mooie foto’s gemaakt en weer terug naar Alice Springs. Nu hebben we de middag vrij en morgen gaan up te track richting Darwin……
Olaf.

One Response to “Tiende verslag weer vanuit Alice Springs”

  1. Saskia Verboom Says:

    Ha die Olaf,

    Geweldig al die verhalen, jij vermaakt je prima, zal straks weer wennen zijn in Holland…
    Alles prima hier, geniet jij maar lekker, we zien elkaar over 1,5 week! Goede reis!
    Groetjes Saskia

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.

21 queries. 0.080 seconds.
Powered by Wordpress
theme by evil.bert